Ben je nog onder de indruk van God…?!

Ben je nog onder de indruk van God…?!

Er is een gevaar van het “amicale” – vergeten wie God is…

Er is een gevaar in het hebben van een buitensporige vertrouwelijkheid of familiariteit: het wordt gewoon, dat we niet meer onder de indruk zijn, en/of we zijn er teveel aan gewend dat het ons niet meer raakt. We zijn er overbekend mee…

Wanneer we bidden en willen leren bidden (praten met God), dan dient dat te beginnen met het ontzag voor wie God is, namelijk God! “Ik ben de Here en er is geen ander; is geen is geen God naast Mij…” – zie Jes.45:5-6, 14, 18, 21, 22; 46:9; etc.

Een oudere christen zei: “Ik merk dat ik nergens meer echt enthousiast over ben…”

  • Het christen-zijn en zelfs het dienen van God en de gemeente is een vreugdeloze, dag-aan-dag verplichting geworden

Er is een gevaar dat de dingen van God – en ook God Zelf! – ons niet meer gepassioneerd maakt: We zijn ons ontzag voor God kwijt (gedoofd, weggeëbt, opgelost, verloren, in rook op gegaan, met de wind meegedreven, …)

Dit zal zichtbaar en herkenbaar zijn in bijvoorbeeld:

  • We besteden veel tijd in de Bijbel, dat we niet meer opgewonden raken van de verlossing die we in Jezus Christus hebben gekregen
  • We zijn zo bekend met verzoening dat we niet meer kunnen huilen over het Kruis omdat we onze eigen zonden en tekortkomingen niet meer zien
  • We kunnen zo bezig zijn anderen te onderwijzen en zorg te hebben (discipelen), dat we zelf – en dat voor onszelf – de stem van de Goede Herder niet meer horen
  • Christen zijn is geworden tot wat we doen, waardoor we geen oog meer hebben voor persoonlijke toewijding en heiligheid
  • We zijn zo goed in het organiseren van christelijke en kerkelijke activiteiten dat we voor de Grote Planner van het Heelal en ons dagelijks leven geen oog meer hebben
  • We zijn zo goed geworden en hebben zoveel ervaring met lofprijs en aanbidding dat het ‘werk’ is geworden wat we ‘wel even doen’…

De Bijbel spreekt over de ‘vreze des Heren’, het onder de indruk zijn van God, het hebben van ontzag voor God.; zie bijv. Ps.145

C.S. Lewis: “Vergeet nooit dat jij klein bent, en God enorm is!”

Het ontzag wat je hebt voor God zal de reden en de motivatie moeten zijn

  • Wat je doet met je denken en verlangen
  • Hoe je omgaat met gezin, familie en vrienden
  • Wat voor buurman/vrouw je bent
  • Wat je van anderen verwacht
  • Dat je genadig en nederig bent
  • Dat je liefde en zorg hebt voor je lokale gemeente en de mensen (in je team)
  • Dat je je bewust bent van je eigen tekortkomingen, fouten en gebreken; je zonden

Het ontzag voor God zou de Bron en Maatstaf voor elk gebied in mijn bestaan moeten zijn…!

Het ontzag voor de Heer zet alles op zijn juiste plek: wat we geloven, onze theologie (doctrine, geloofsbelijdenis), wat we doen in bediening, hoe we omgaan met gaven, welke plek we geven aan lofprijs en aanbidding (de liturgie, orde dienst, de muziek, etc.), hoe we kijken naar en denken over gebouwen, bezit en financiën, waarom we dingen doen (tradities), …

Bidden op een Bijbelse manier met het ‘geloof’ zoals de Bijbel bedoelt, is onmogelijk wanneer ‘gewoonte’ en een buitensporige vertrouwelijkheid ons blind heeft gemaakt en ons op die manier van ons ontzag voor God Zelf (en de ‘dingen van God’) heeft beroofd.

Wanneer we bidden (praten met God) en dienen met ontzag voor God dan zien we de volgende vrucht in ons leven en gebed

  • Nederigheid en zachtmoedigheid
  • Ontferming en geduld
  • Passie en compassie
  • Vertrouwen en zelf-discipline
  • Vrede en rust